Verslag 2017
Nieuwsbrief van Stichting Ams-Dak-Dunya
2017 is alweer bijna ten einde.
Begin van dit jaar waren we in Senegal, waar Mieke met William Mendy, de directeur van de school, schoolboeken en schriften aanschafte in de boekhandel Clairafrique in het centrum van Dakar, en de schoolapotheek bijvulde. Dit is zo langzamerhand de gebruikelijke januari-aanschaf.
De school begint in oktober, maar lang niet alle leerlingen kwamen opdagen. De oorzaak: de tabaski, het offerfeest, waarvoor de meeste ouders zichzelf in de schulden steken om voor hun kinderen en zichzelf nieuwe kleren te kunnen laten maken, en vaak samen met buren of familie, een schaap te kunnen kopen dat geofferd wordt en gezamenlijk opgegeten.
Elk jaar veschuift het feest terug, in 2016 was dat inderdaad half september, waardoor het schooljaar 2016/2017 met weinig leerlingen begon.
De eerste keer dat ik, Tilly, Senegal bezocht, verkeerde ik in de veronderstelling dat in Dakar duizenden schapen woonden; op allerlei open plekken tussen de ‘huizen’ liepen grote kuddes broodmagere beesten rond; ik zag ze aan voor geiten maar Senegalezen noemen ze moutons – het fenomeen tabaski was mij totaal vreemd. Ik wist niet dat deze kuddes van heinde en ver naar de stad worden gedreven om daar hun lot te ondergaan. Geen feest vond ik het: overal opgehangen, half gevilde schapen en poelen van bloed eronder. Maar voor de Morieten en de andere Senegaleze moslims is de tabaski het belangrijkste feest van het jaar, te vergelijken met ons kerstfeest.
De directeur vertelde dat er ongeveer 175 leerlingen zich dit jaar hadden ingeschreven. Het nieuwe gebouw is iets kleiner dan de vorige behuizing van de school: wij zagen volle klaslokalen waar de lange kinderen vooral van de hoogste groepen uit de banken gegroeid leken en bijna boven op elkaar zaten. De maternelle telde ongeveer 20 kleintjes, die allemaal met het hoofd op tafel lagen te slapen: hun verplichte middagslaapje.

De computers hadden weer een eigen lokaal; we hebben er sterk op aangedrongen glas in de sponningen te zetten tegen het stof en woestijnzand. Het blijft een lastige zaak want de meeste Afrikanen zijn niet gewend om gebouwen/woningen te onderhouden – een lokaal wordt geverfd voor ingebruikname en daarna laat men het zo, terwijl wij regelmatig muren witten etc.
Het volwassenenonderwijs zou in februari gaan starten: Mendy was zo druk geweest met de verbouwing dat het werven van volwassenen erbij ingeschoten was. We dringen er steeds op aan want kinderen kunnen dan door hun ouders worden bijgestaan. Vooral de moeders in de ouderraad zijn heel leergierig en willen dolgraag bijgeschoold worden. Ook al zijn het er maar 10 tot 15 per jaar, het is volgens ons heel belangrijk dat ook ouderen leren lezen en schrijven. De wil is er, maar vaak ontbreekt de energie: de volwassenen krijgen 2 avonden per week en op zaterdag les, hetgeen betekent dat sommige leraren moeten overwerken.
Ile de Goree
Toen Aida bij ons op bezoek was, vertelde ze over diverse sterfgevallen: Ken je die? Tombé mort! Doodgevallen? Ja, en die: ook dood. Hartaanval bleek. Was er dan geen pompier in de buurt die kon helpen? We vroegen onze buurvrouw Malou hoe het zat: al die hartaanvallen, was er geen reanimatie-apparaat bij de pompiers, de mannen die zowel eerstehulp verlenen als als brandweer optreden?
Malou ging op onderzoek uit: er was een apparaat, maar er ontbraken allerlei hulpstukken waardoor het onbruikbaar was. Bovendien lag het apparaat bij de pompiers, waar alleen overdag iemand aanwezig is. Krijg je dus s’avonds een hartaanval op het eiland, dan moet je met de ferrie naar Dakar worden vervoerd, of met een piroque, een vissersbootje dat er net als de ferrie minimaal 20 minuten over doet voor het in de haven van Dakar aankomt.
We hebben overlegd, navraag gedaan in Dakar, het internet afgespeurd, en uiteindelijk besloten in Nederland een reanimatie-apparaat aan te schaffen met alle hulpstukken, zodat zowel volwassenen als kinderen (bij verdrinking) ermee kunnen worden geholpen. Het apparaat geeft mondeling instructies, en Malou zou ervoor zorgen dat een bevriende arts uit Dakar uitleg ging geven aan zowel de politieagenten (de politiepost is dag en nacht bemand) als aan de pompiers.
Het apparaat hebben we in mei meegenomen in de handbagage. Omdat we niet bekend willen hebben dat wij zo’n kostbaar apparaat hebben gedoneerd, hebben we Malou gevraagd het na ons vertrek aan de gemeenschap aan te bieden als een geschenk van (anonieme) vrienden van de familie. Malou heeft het apparaat officieel aan de politie aangeboden gedurende een grote openbare bijeenkomst op het eiland over veiligheid en gezondheid, zodat alle bewoners van Goree nu op de hoogte kunnen zijn van het bestaan van het apparaat op het eiland. En hopelijk zullen hartaanvallen geen dodelijke afloop meer hoeven te hebben.

Aida, Moussa, Makthar en Fallou
Aida en Moussa waren in redelijke doen, al maakten ze zich wel zorgen om Maktar, die met een voetbalploeg naar Tunesie en Polen was vertrokken, helaas niet was geworven door een buitenlandse club, en in Tunesie was achtergebleven – terwijl de voetbalcoach die de jongen begeleidde terug was gegaan naar Senegal. Aida belde elke week even met Maktar, die was ondergebracht bij een Franse vriend van de coach. Wij vonden het een krankzinnige situatie: een jongen illegaal in Tunesie bij een onbekende man. Groot was de opluchting toen we hoorden dat Maktar inderdaad volgens plan eind januari weer op Ile de Goree was.
Fallou zat in zijn eindexamenjaar: hij moest staatsexamen doen in juni. Hij werkte hard, liet ons stroomschema’s zien waarvan ik niks begreep maar waar Mieke meer in kon lezen, en vroeg ons om een tablet om thuis te kunnen doorwerken. Zijn medeleerlingen bleven langer op school om zich te oefenen in deze tekeningen, maar Fallou moet nog een uurtje in de bus naar de boot en als hij de boot van halfzeven mist door het drukke verkeer in Dakar moet hij tot acht uur wachten op de volgende boot: iets wat Aida niet wil hebben want in de avond komen de ‘vagabonds’ de straat op en Aida waakt streng over haar kinderen.
Een tablet vonden we nogal duur; wij hebben Fallou niet kunnen helpen.
Helaas kwam in juli het bericht dat hij gezakt is voor het staatsexamen. Wij hebben direct geroepen dat hij het over moet doen: de stichting zal nog een jaar zijn schoolgeld en andere onkosten op zich nemen want een staatsdiploma opent de weg naar Senelec, het staatsbedrijf voor elektriciteit. Dat zou betekenen een vaste baan, en een vast inkomen – heel welkom voor de hele familie.
Familie – het is een ruim begrip in Afrika. In 2016 zorgden Moussa en Aida voor het zoontje van een nicht of zus: een jochie van zeven die naar school ging op Goree. Toen we in januari terug kwamen was Mohammed terug naar zijn ouders, die in Dakar waren gaan wonen. Aida was hier duidelijk verdrietig over, maar had een nieuwe beschermelinge: een kleine Bollie, een meisje van 10 maanden, in onze ogen een flink uit de kluiten gewassen kleuter. Zij en Moussa zijn dol op kinderen en zorgen voor ze als zouden het hun eigen kinderen zijn. Familie – als we vragen naar de relatie krijgen we een vaag verhaal over een soeur etc. Het is zoals het gezegde is: It takes a village to raise a child.
Mei
In mei waren we weer even op Goree; we hebben toen vooral vakantie gevierd: Op het eiland vond de twee jaarlijkse tentoonstelling de Regards sur Cours plaats. Veel binnenplaatsen waren opengesteld en zo konden we de veelal luxueuze huizen van de Fransen op het eiland bekijken en de kunst bewonderen van vele kunstenaars, fotografen, schilders, beeldhouwers en anderen van veelal Afrikaanse afkomst. Een feest!
Mieke is wel bij Moussa langsgegaan en heeft hem een paar opdrachten gegeven voor kralen en een doos. Moussa vroeg ons hem uit de nood te helpen: het dak van zijn werkplaatsje op het Village d’Arts in Dakar was niet bestand tegen de te verwachten regens van de natte periode, die in juni aan zou breken. Wij zijn bijgesprongen want Moussa moet in z’n eentje een extended family onderhouden: zijn vader, die op leeftijd is en twee vrouwen heeft, Moussa’s gezin met drie kinderen en verdere familie in nood! Een zware last op zijn schouders. Het is een heel serieus werkende ambachtsman met een ongelooflijke accuratesse; wij hopen dat hij de beloofde deelname aan de bazar van de English Speaking Women of Dakar heeft gekregen.
2018
We gaan op 28 december weer naar Senegal. De school wordt bezocht, er moeten boeken en andere zaken worden aangeschaft en wellicht zijn er nog kosten aan het schoolgebouw. Voor zover we weten zijn alle vrienden nog gezond – we hopen er altijd het beste van want het klimaat, met als grootste dreiging malaria in de regenperiode, is moordend.
We zijn natuurlijk heel benieuwd hoe het Fallou vergaat: of hij inderdaad opnieuw opgaat voor het staatsexamen. Mocht blijken dat een tablet echt meehelpt om het examen te halen, dan gaan we daarnaar op zoek. We hopen dat jullie ons weer willen helpen om een en ander mogelijk te maken.
Voor iedereen een heel goed begin in 2018 en dank voor jullie belangstelling en steun!
Mieke Groot, Tilly Hermans en Richard Meitner
Stichting Ams-Dak-Dunya
rekeningnummer NL67ABNA045633854
Verslag 2016
Nieuwsbrief van Stichting Ams-Dak-Dunya schooljaar 2016-12-11
Ai, de jaren vliegen voorbij.
In januari 2016 waren we weer in Senegal en voordat we weer uitgebreid gingen shoppen in de schoolboekhandel voor schoolboeken, schriften en lesbenodigdheden hebben we uitvoerig met directeur William Mendy gesproken over de school. Hij vertelde dat de eigenaar van het schoolgebouw overleden was, en dat tot zijn verbazing de man niet twee, maar drie vrouwen bleek te hebben achtergelaten, met een schare kinderen. Sinds het overlijden diende zich elke week wel een ander familielid van de eigenaar bij de school aan, om te zien wat het gebouw wel zou kunnen opbrengen bij verkoop, te controleren of de huur wel was betaald en steeds andere bestemmingen voor het gebouw te suggereren.
Begrijpelijk dat William Mendy daar slapeloze nachten van had. Hij was gelukkig niet stil gaan zitten maar was met een makelaar op zoek gegaan naar alternatieven in de buurt om de school te verhuizen. Ook bleek hij recentelijk op eigen initiatief een stuk grond te hebben gekocht, dat hij in maandelijkse bedragen moest afbetalen. Zijn bedoeling hiermee was om eventueel op den duur de school naar Comico 5 te verhuizen. Zoals al eerder zeiden wij hem dat de Stichting geen grond in Senegal wil aankopen, en dat hij als hij met dit stuk grond door wilde gaan hij niet op onze steun kon rekenen.
De alternatieven voor een ander schoolgebouw in de buurt waren gelukkig minder lastig te vinden dan gevreesd, en de huur bleek ook iets minder hoog te zijn dan die van het huidige gebouw: in plaats van 180.000 cfa per maand 165.000 cfa = ca. 275 euro naar ca. 250 euro.
Om kort te gaan: in november is de school verhuisd naar een 3 verdiepingenhuis, hooguit 5 minuten lopen vanaf het oude gebouw, het ligt er 2 straten achter. Omdat een verhuizing uiteraard geld kost, en het gebouw aangepast moest worden, zijn we in september weer naar Senegal gegaan om zelf te zien wat er moest gebeuren.

De nieuwe locatie
We konden ons helemaal vinden in de keuze van William Mendy: het is een goed onderhouden, groot woonhuis van een welvarende militaire familie, met ramen - het glas goed in aluminium sponningen gezet, belangrijk ter bescherming van de computers – met 2 grote ruimtes die in tweeën werden gedeeld middels een muur en enkele kleinere ruimtes, met een badkamer die omgetoverd zou worden tot kantoortje voor de directeur, met beneden een achterplaatsje waar wc’s zijn gepland, en op alle verdiepingen tegelvloeren die heel goed schoon te houden zijn. Voor het gebouw is een ruim pleintje, waar een middelbare school aan grenst en waar de leerlingen redelijk veilig buiten kunnen spelen.

Toen wij kwamen was de verbouwing van het gebouw in volle gang, en wij hebben na overleg besloten om bij te springen met een bedrag van rond 1000 euro.
Wat betreft het leerlingenaantal: dat was in januari 2016 helaas gedaald naar 168 – van vorig jaar rond de 190. De daling zat vooral in de kleuterschool – in de vorige nieuwsbrief legden we al uit wat daar de oorzaak van is: de schoolbus. William Mendy had geïnformeerd hoe hoog de huur van een eigen schoolbus zou zijn, en dat bedrag ging onze en zijn begroting verre te boven, dus daarvan moesten we afzien. Het volwassenenonderwijs telde 13 personen: 5 vrouwen en 8 mannen.
In 2016 hadden wij van de Stichting Onderwijs Steunfonds een nieuwe donatie gekregen. In overleg met William Mendy wilden we twee leerlingen van de school – nadat ze succesvol het laatste jaar hadden afgerond – in staat stellen om een driejarige vervolgopleiding te krijgen aan dezelfde vakschool waar ook Fallou, de zoon van Aida, een opleiding volgt tot electricien. Wij hadden in 2015 Mendy al in contact gebracht met de directeur van die vakschool.
Maar wij bleken toch te optimistisch te zijn want dit plan stuitte op een groot bezwaar van de ouders: de leerlingen zijn rond de 12 jaar als ze van school komen, en de vakschool ligt in Castor, een andere wijk van Dakar, een wijk waarheen geen rechtstreeks vervoer is maar waar ze pas met 3 keer overstappen op verschillende busjes kunnen komen. De ouders vinden hun kinderen nog te jong om zo blootgesteld te worden aan het drukke en vooral naar hun mening gevaarlijke Dakar.

Toen William Mendy ons in september vertelde dat hij helaas nog geen oplossing hiervoor had gevonden, hebben wij hem gevraagd om met de directeur van de vakschool uit Castor na te gaan welke andere scholen dichter bij onze school zijn en welke opleidingen die scholen bieden. Voorwaarde blijft dat het erom gaat dat de kinderen een vak leren – zodat ze later hun ouders kunnen ondersteunen en zelf geld kunnen gaan verdienen. Openbaar middelbaar onderwijs heeft een bedroevend laag niveau in Senegal, er wordt met grote regelmaat door leraren gestaakt omdat de salarissen niet worden uitbetaald. Wij vinden dat er geen reële toekomstmogelijkheden zijn voor kinderen; een vak leren lijkt ons de verstandigste weg.
AIDA, FALLOU EN MAKTAR
Aida was er in januari niet goed aan toe: haar man Moussa bleek al 3 maanden geen salaris te hebben ontvangen en ze had er een extra mond bij: Mohammed, het zevenjarige zoontje van een nichtje dat naar Dakar was verhuisd. Mohammed wilde op school blijven op Goree en woonde dus nu bij Moussa en Aida. Uit wat er gegeten werd – rijst met kruiden en ui, geen groenten, geen vlees, vis of kip – konden we opmaken hoe hoog de nood gestegen was. Gelukkig konden we Aida’s nood wat lenigen met de aankoop van enige geschenk-kettingen voor onze trouwe donateurs.

Goree
Fallou ging ondertussen wel heel goed, de schoolresultaten waren zeer positief. En Maktar zat nog steeds in het voetbaltrainingskamp in Thiès.
In september bleek Aida een verbouwing aan haar huis te hebben gedaan: de lemen vloer op de binnenplaats beneden is vervangen door een betonnen vloer en ze heeft daar en een extra kamer en een keuken aangelegd. Ze had heel hard gewerkt om ons het resultaat te kunnen laten zien en was heel trots dat ze dit alles zelf had kunnen betalen.
Na in juli zijn schooldiploma elektricien behaald te hebben, was Fallou zijn laatste schooljaar ingegaan om ook nog zijn staatsexamen te behalen. Dit staatsdiploma zal hem in staat zal stellen voor grote electriciteitsbedrijven te kunnen werken. En Maktar kreeg een nieuwe kans voor een voetbalcarrière in het buitenland: hij was geselecteerd voor een elftal dat eerst in Tunesië ging spelen en na 3 weken naar Polen zou gaan. Wij hopen met Aida en Moussa dat hij een plek vindt bij een buitenlandse club.

MOUSSA THIAM
Mieke werkte weer in het Village d’Arts in Dakar met Moussa Thiam; ikzelf kocht bij hem heel mooie doosjes voor visitekaartjes en steunde hem zo. De deelname aan de tentoonstelling in mei, georganiseerd door de organisatie ‘Dakar Women’s Group,’ was voor Moussa niet doorgegaan. Oorzaak: uit angst voor terrorisme was de bazaar gehalveerd. Moussa staat nu op de lijst van kunstenaars die de volgende keer zullen worden uitgenodigd.

Dat was het verslag tot nu toe. We gaan 4 januari naar Senegal en zullen zeker naar de school gaan om te zien hoe die nu functioneert. Er zullen weer zoals elke jaar boeken en schriften gekocht moeten worden en ook zal de schoolapotheek aangevuld moeten worden.
Allemaal een heel mooi, gezond en inspirerend 2017 gewenst!
Mieke Groot, Tilly Hermans en Richard Meitner

Met Mame Mbaye op de Chaloupe op weg naar Dakar
Verslag mei 2015
In mei waren Mieke en ik weer in Senegal. Een van onze donateurs, Riet van Bentum, had ons getipt om ‘n subsidie aan te vragen bij Stichting Onderwijs Steunfonds. Dankzij deze Stichting konden we voor de school 6 nieuwe computers aanschaffen, 2 printers, een laptop, papier en cartridges.


Uiteraard hadden we in Nederland van tevoren geïnformeerd en tips gekregen van computernerds. Maar we wilden wel de computers in Dakar aanschaffen: daarmee steunen we de locale economie, maar wat nog belangrijker is: we hoopten ook goede garantie en service te kunnen krijgen met de installatie van de computers en wanneer iets kapot zou gaan. Daarin zijn we gelukkig goed geslaagd.
Het leek ons verstandig om eerst de situatie in de school aan te pakken. Er moest een goed lokaal komen – de oude computers stonden in een ruimte aan de straat waar wel tralies in de ramen zaten, maar die toch erg inbraakgevoelig is. Plus het lokaal moest zo veel mogelijk stofvrij zijn: dus er moest glas in de ramen gezet worden. Ook de internetverbinding moest op orde zijn.

Na overleg en veel heen en weer gebel verzekerde William Mendy dat een lokaal op de eerste verdieping op orde was: er was zelfs een grote tafel gemaakt met wel 10 werkplekken; de aansluitingen waren geïnstalleerd, het glas voor de ramen besteld.
Mieke ging met onze buurvrouw op Goree Malou Diagne Correa naar haar computerfirma in Dakar die ook levert aan NGO’s en ministeries: een betrouwbaar bedrijf dus. Er is stevig onderhandeld, en nadat we de offerte hadden bekeken en vergeleken hebben we de bestelling geplaatst.


Riet van Bentum en Henk Hofstee waren naar Goree gekomen en gingen met ons op bezoek bij de school: een bijzondere ervaring want Riet kon nu zelf het lokaal ‘Riet’ zien – de lokalen zijn vernoemd naar donateurs van het eerste uur.
De vrouw van directeur William Mendy, die vlak bij de school woont, had een maaltijd voor ons aangericht, en de moeders van het oudercomité hadden heerlijkheden gebakken. Iedereen was zeer opgetogen over de de komst van de computers: in de wijde omtrek van de school is geen internetcafé, dit was een echte aanwinst, die zeker ouders zou verleiden hun kinderen in te schrijven op Mikriche.

Tussen de bedrijvigheid hoorden we van William dat het leerlingenaantal nogal was gedaald, en daar schrokken we van: hij sprak van 120 leerlingen, waar in de vorige jaren het aantal altijd tussen de 170 en 200 leerlingen was. In januari hadden we al gehoord wat de mogelijke oorzaken van de terugval waren – we hoopten allemaal dat de computers het neergaande tij zouden keren.
Toen Riet, Henk en ik alweer in Amsterdam waren, overzag Mieke het plaatsen van de computers in de school: weer feest, de buurt was ervoor uitgelopen.


Inmiddels is het schooljaar 2015-2016 begonnen. Volgens William Mendy is het leerlingental nog steeds te laag. Hij weet dit in oktober aan het feit dat de school vlak voor het Offerfeest begon. Het Offerfeest, de Tabaski, is een van de grootste feesten in de islamitische wereld. Veel families – als ze de aanschaf van een geit kunnen bekostigen! - kopen dan een geit, en tevens is het de gewoonte de hele familie dan in ‘t nieuw te steken. Er blijft dus weinig tot geen geld over voor schoolgeld.
William vroeg om bijstand, want de huur moest wel worden betaald. Gelukkig hadden we nog wel iets in kas, dus we zijn hem bijgesprongen. Hij verwacht dat de situatie zich in november zal verbeteren.
Ondertussen kwam ook het bericht dat de eigenaar van de school is overleden. Wij wachten af wat zijn familie gaat doen met het schoolgebouw. Mikriche huurt dit gebouw inmiddels al zeven jaar, maar in Senegal is alles mogelijk.

Aïda N’doye was in goeden doen in mei: het weer was warmer en ze was druk bezig met nieuwe ontwerpen voor haar kettingen.
Moussa Tiam’s presentatie op de bazar van de ‘Dakar Woman’s Group’ is fantastisch verlopen. Hij heeft o.a. een groot aantal oranje doosjes aan de Nederlandse ambassadeur kunnen verkopen!
In januari gaan Mieke en ik weer naar Goree en Dakar. We gaan zoals elk jaar naar de school, en hopen daar positieve berichten te krijgen over leerlingenaantal. Het zou zeker goed zijn als we de apotheek weer kunnen aanvullen, en schoolboeken bij kunnen kopen. Uw donatie is dus weer meer dan welkom!
Wij wensen jullie allen heel fijne feestdagen en een heel voorspoedig 2016.
